Bibliography

oktober 26, 2017
openingswoord tentoonstelling 'Intersection' Eric Rinckhout.        2019

Geacht publiek,

 

‘Intersection’ is de titel van deze tentoonstelling. Ik ben het woord ‘Intersection’ toch maar eens gaan opzoeken in het woordenboek. En het heeft meerdere betekenissen in het Nederlands: ‘kruispunt’, ‘punt waar lijnen elkaar kruisen’, ‘knooppunt’, ‘snijvlak’ en ‘doorsnijding’.

Zo, daar kunnen we even mee voort.

 

Laten we naar de eerste betekenis kijken: ‘kruispunt’. Heel concreet gaat dit op voor de twee kunstenaars die hier tentoonstellen. Hun paden hebben elkaar ooit gekruist en kruisen elkaar nu weer. Fik van Gestel is in de jaren 1980 docent geweest aan de academie van Arendonk en Chris Meulemans was toen studente. Later zou zij een tijdlang in zijn voetsporen treden als docente aan deze academie.

Ze zijn elk hun eigen weg gegaan, maar vandaag staan zij hier samen op één kruispunt: de Noord-Zuid Galerie, op zich ook een plek waar Noord en Zuid elkaar raken, zo vlak bij de Nederlands-Belgische grens. De galerie is een mooie ruimte: licht in de verschillende betekenissen van het woord, helder en menselijk qua volume, afmetingen en verhoudingen. In deze galerie hangen de werken van Chris en Fik zij aan zij: nu eens gaan ze een dialoog dan weer een confrontatie met elkaar aan.

De titel ‘Intersection’ slaat ongetwijfeld ook op de kunstwerken zelf: het gaat niet alleen om de raakpunten die de twee oeuvres met elkaar hebben, ‘in’ veel van de werken raken verflagen elkaar en kruisen lijnen elkaar in een rasterpatroon. Bovendien zijn er afsnijdingen en doorsnijdingen: sommige schilderijen zijn scherp gekadreerd, figuren en objecten worden soms doormidden gesneden. Over de titel ‘Intersection’ is duidelijk goed nagedacht.

 In die achterste zaal liep ik rond als in een tuin. Het aardige is dat daar de werken van Chris Meulemans en Fik van Gestel subtiele verbanden aangaan. De kunstenaars hebben samen hun werken gehangen en zijn daarbij secuur tewerk gegaan. Kijk naar het geel dat een subtiele band tussen enkele schilderijen smeedt. Maar er mag ook een dissonant zijn: ‘Hand-Coloured’ van Chris Meulemans voegt zich niet naar de rest en is een uitroepteken in die zaal.

 

Chris Meulemans heeft in het verleden veel collages gemaakt. Dat zindert door in haar jongste schilderijen die hier te zien zijn. Maar kijk goed: hoewel sommige werken collages lijken te zijn of uitgeknipte foto’s lijken te bevatten, heeft Chris Meulemans voor de werken in ‘Intersection’ alleen olieverf en kleurpotlood gebruikt. Soms, toegegeven, hier en daar ook kalkpapier. Dus toch een klein beetje collage.

‘Doorsnede’ is een woord dat in verband met haar werk kan opduiken. Chris maakt hier en daar gebruik van hars, waardoor ze kan spelen met scherpte en wazigheid. Ze brengt dat hars aan nu eens als sluitstuk van een werk dan weer als tussenlaag waarop ze opnieuw begint te schilderen. Ook zij werkt in lagen, maar die lagen blijven vaak zichtbaar. Ik zeg ‘vaak’, want op een aantal werken heeft ze met wit veel weggeschilderd. Verbergen en verdwijnen zijn kernbegrippen in haar kunst en aanpak.

Opmerkelijk is dat in het werk van Chris Meulemans ook een rasterpatroon voorkomt, maar bij haar verwijst het naar de rigiditeit van het menselijk denken en handelen. Ook in haar werk staat de natuur centraal, maar veel problematischer dan bij Fik van Gestel.

Op een intuïtieve manier stelt zij de ingrepen van de mens op de kwetsbare natuur ter discussie. Neem nu een werk als ‘In Between’: een stormachtig en driftig geborsteld schilderij. Centraal is vegetatie te zien, een plant, die deels verborgen gaat achter een wit vel papier. Daarover loopt een rode streep die ik graag interpreteer als een grafiek, die ontspringt links in een rasterpatroon, een geschilderd blad ruitjespapier. Opvallend is hoe bloedrood die streep is, tegenover het zachte groen van de vegetatie. De calculatie, het business-model zeg maar, bedreigt de natuur. Op die spontane manier drukt Chris Meulemans haar reactie uit op het menselijk gedrag: de mens die de natuur onder druk zet en manipuleert.

Ze schildert die bekommernis zonder enige anekdotiek. ‘Traces’, het werk dat naast ‘In Between’ hangt, toont subtiele sporen van vegetatie. Een doorsnede van een bloesem, een afdruk van een takje mimosa – denk ik – is zwartgeblakerd. Voorts een schim van een menselijke figuur. Het werk heeft zijn titel niet gestolen: van mens en natuur blijven alleen sporen over. Ook ‘Hiding Point’ gaat met zijn forse zwarte borsteltrekken over verdwijnen.

In haar expressieve, soms explosieve schilderijen gaat Chris om met groei en maakbaarheid, natuur en manipulatie, leven en vernietiging. ‘In Love’ is een werk waarin groene, rode en zwarte strepen al die verschillende impulsen verbeelden. Stevig geschilderd, ergens tussen figuratie en abstractie in.

 

Fik van Gestel is een van de krijgers van de schilderkunst. Hij debuteerde op het eind van de jaren zeventig toen de schilderkunst meermaals dood was verklaard. Het huis dat hij vanaf 1979 betrok in de Kempen met een grote paradijselijke tuin – verzorgd maar toch wild – zou voor hem een constante bron van inspiratie blijken.

‘Het schilderij is een bos’ is een uitspraak van Fik van Gestel, waarmee hij wil zeggen dat een schilderij een gelaagd gegeven is: een bos is ook meer dan een verzameling bomen, er is struikgewas, kreupelhout en humus. De schilder observeert graag en nauwkeurig. Waarom groeien bomen zo? Welke structuur zit er in de takken? Hoeveel soorten groen zijn er? Hij maakt foto’s tijdens zijn wandelingen en maakt aan de hand van observaties en indrukken aquarellen in zijn atelier, dat als een soort hut of loods midden in zijn tuin staat. Zonder ramen, want hij wil zich concentreren en heeft zijn indrukken allang opgeslagen in zijn visueel geheugen. Foto’s, tekeningen, aquarellen zijn de inspiratiebron voor zijn schilderijen.

Maar een schilderij ontstaat terwijl het geschilderd wordt. Dat lijkt een nonsensicale uitspraak maar er is geen vooropgezet plan en als er toch een is, wordt het onderweg constant bijgestuurd en is het onderhevig aan invallen, uitschuivers en accidenten, die allemaal op zich productief blijken te zijn. Werken aan één schilderij kan snel gaan, maar ook traag verlopen. Het kan een gevecht zijn. Het monumentale ‘Oog van M.’ heeft hem drie jaar gekost. Niet aan één stuk, natuurlijk. Afgekeurd werk – Fik is zeer kritisch – wordt ook overschilderd en door de verflagen heen toont het nieuwe schilderij hier en daar zijn geschiedenis.

De tuin, de boom en de natuur zijn belangrijke constanten in het oeuvre van Fik Van Gestel. Maar Fik is geen landschapschilder. Zijn werk zit op het kruispunt van figuratie en abstractie – weer een ‘intersection’. Zo biedt ‘Het oog van M.’ vijftig tinten groen plus rode vlekken die zich als bloemenranken slingeren rond een rasterwerk. ‘Le jardin de Pierre’ – een knipoog naar Pierre Bonnard, de arcadische schilder bij uitstek – is een sfeer, een samenscholing van kleuren die op zoek zijn naar een vorm.

‘Voor de knoppen’ toont een naakte boom, een skelet. ‘Voor de knoppen’ is een van de geestige, prikkelend titels die Fik vaak voor zijn schilderijen kiest. Een boom als structuur van verfstrepen, een boom die figuratief én abstract is, die het idee boom verbeeldt en tegelijk een autonoom kunstwerk is.

Fik en Chris staan op een kruispunt. Samen. Het zijn schilders die verschillen en toch veel gemeen hebben. Ze dagen ons uit om goed en heel langzaam te kijken. En diep na te denken over kunst, mens en natuur.

 



 

Expo “malleability”

Shoobil Gallery, Antwerpen

 In haar werk maakt Chris Meulemans gebruik van een figuratieve beeldtaal, hoewel de structuur soms ook uitgesproken abstract is. Het zijn veelal elementen uit de persoonlijke omgeving die Chris vragen doen stellen bij haar dagelijkse realiteit en de bredere sociale vraagstukken. Het zijn getekende herinneringen, als woordeloze commentaren op de werkelijkheid. Deze reeks tekeningen zijn op zeer spontane wijze ontstaan en hebben een organisch karakter. Ze zijn beweeglijk en suggereren een derde dimensie.
De titel “malleability” betekent letterlijk de eigenschap van iets dat kan worden bewerkt, gehamerd of gebogen zonder te breken. Het is ook een menselijke constante om te kunnen veranderen onder druk. Flexibiliteit is het vermogen zich aan te passen aan situaties of noodzakelijkheden en om in extremis het hele ineengezakte bouwsel op te vangen.
In haar recente werk verwijst Chris naar het werkwoord huizen, het zoeken naar architecturale bescherming of een schuilplaats. De dualiteit tussen een huis en een thuis. Vluchtelingen die zich proberen te beredderen in aftandse caravans en gebricoleerde barakken en andere eenvoudige, ietwat onhandige bouwsels.
De kwetsbaarheid van geknutselde koterieën in de Vlaamse achtertuinen of het zelfgebouwde kamp. Een samenstelsel dat beide architectuur en object is. Niet ontstaan vanuit een plan maar vanuit een behoefte en met materiaal dat voor handen is. Vanuit deze opsomming voel je eenzelfde traject in het ontstaan van Chris Meulemans haar tekeningen. Lijnen zijn soms weggegomd of overplakt maar het tracé blijft zichtbaar in deze persoonlijke interpretaties die nauwelijks correcties toelaten.

© Serena Baplu 2018




 

     

 


 

Chris Meulemans

Aan de hand van haar schilderijen, tekeningen en sculpturen geeft Chris Meulemans een persoonlijke inkijk op het fragiele en het vergankelijke in de grote en de kleine verhalen. Het zijn telkens woordeloze commentaren op de werkelijkheid die passen in een groter geheel. Ze werkt zowel op doek als op allerhande soorten dragers. Haar onderwerpen vindt ze op rommelmarkten of in haar eigen omgeving. Dingen die beschadigd zijn, zoals poppen of boeken; voorwerpen die niemand meer wil. Wat haar daarin interesseert is hun deformatie als een soort poëzie van een verborgen verleden. Maar ook zaken met een hoge symboolwaarde ontdoet ze van hun context en geeft ze nieuwe betekenislagen. Chris werkt in reeksen die ontstaan vanuit maatschappelijke vraagstukken die haar bezighouden. Onder het ogenschijnlijk lieflijke oppervlak schuilt een wereld waarin zekerheden beginnen te wankelen. Haar kleuren zijn zacht, de vormen fragiel. Op speelse wijze toont ze de dualiteit tussen schijn en werkelijkheid.

Precaire schoonheid

Chris Meulemans studeerde fotografie en schilderkunst. In haar huidige werk gebruikt ze het fotografische beeld eerder als een vorm van schetsen. De druk op de knop is haar te momentaan, te voorbijgaand. Ze prefereert de intensiteit van een langzaam proces. Een idee voor een reeks of een kunstwerk is voor haar steeds een open idee: het eindresultaat ligt nooit vast, waardoor het zoeken naar de geschikte materialen en technieken verschillende mogelijkheden genereert. Een soort ‘bricoleren’, waarbij ze plaats laat voor het onverwachte. Een werk ‘rijpt’ in haar atelier: ze voegt toe en neemt weg, toont en verbergt. Laag na laag brengt ze betekenissen aan. Die gelaagdheid laat Chris ook zichtbaar, soms expliciet door de transparante materialen, soms verborgen onder de bovenste huid van het oppervlak. De kleine werken nodigen dan ook uit om van naderbij te bekijken en met het aandachtige oog te zien wat ze ons toefluisteren.

Chris schildert met acryl of olie naargelang het onderwerp. Als drager gebruikt ze zowel doek als allerhande gevonden papier, zoals de pagina’s uit een boek met afgedrukte manuscripten van Hölderlin. Niet de tekst is daarbij van belang, maar de structuur van de woorden en het materiaal. Ook in haar ruimtelijk werk gebruikt ze doorzichtige stoffen, van plastiek en glas over gaas tot epoxy. De soms beladen thema’s bedekt ze met een zacht kleurenpallet. Maar de sereniteit is misleidend: “achter uiterlijke schijn gaat vaak veel ellende gepaard.” Een terugkerende figuur daarbij is de pop als een soort ‘gestalt’. Als basis put ze uit een verzameling hoofden, rompen en ledematen van allerlei soorten poppen. Het schijnbare ideaalbeeld van de pop toont Chris als het onzuivere, het gedeformeerde. Ze geeft een vorm aan het precaire van de schoonheid.

Het beeld bij Chris is ongepolijst, onaf, een voortdurend worden. Het onderweg zijn is dan ook van belang. Binnen een vooropgezet kader streeft ze naar een onbevangen handelen, zoals een kind dat nog kan. Niet langs de rechte lijn naar het resultaat, maar langs de kronkelende weg vol verassingen en toeval waar iets kan afwijken van het oorspronkelijke idee. Soms wordt een toevallige vlek een belangrijk element. Of krijgt een idee zowel ruimtelijk als tweedimensionaal vorm. Het afwisselen van verschillende technieken voelt Chris aan als een noodzakelijke evolutie in haar oeuvre. Toen ze enkel schilderde bleef ze te lang hangen bij hetzelfde. “Door nu meer te experimenteren kom ik tot een grotere diepgang.”

En steeds is er dat ongrijpbare, alsof het beeld lijkt te verdwijnen. Alsof de figuren slecht even aan het oppervlak verschijnen. Chris probeert in haar werk aan te raken wat verborgen ligt. Een dode vogel, een kapotte pop, een glazen stolp…prevelend in de diepten van een verstilde tijd, worden het getuigen van een ingehouden schreeuw, ver weg en toch zo dichtbij.

© Eva Steynen, Antwerpen, mei 2012